Dans
Uit de lange Oostenrijkse traditie van bals en volksdansevenementen zijn vele bekende dansen met diverse characters zoals Ländler, de Schuhplattler, de Polka en de Weense Wals voortgekomen. Naast het bewaren van de traditie komt met o.a. het ImPulsTanz-Festival ook de moderne dans tot zijn recht.
Het ImPulsTanz-Festival in Wenen ontwikkelde zich sinds het begin in 1984 toen met de titel „Internationale Tanzwochen Wien“ van Karl Regensburger en Ismael Ivo, tot het grootste evenement voor hedendaagse dans in Europa. vijf weken in juli en augustus veranderen het Burgtheater, het Schauspielhaus en acht andere theaterhuizen in de podia van een festival, dat meer dan 40 producties laat zien en waar rond 80 docenten met rond 3000 deelnemers bijna 200 workshops geven.
Het Tanzquartier Wien begon in 2001 en is daarmee het eerste centrum voor hedendaagse dans en performance in Oostenrijk. In het MuseumsQuartier, dicht bij de bekende, heeft deze spil in de hedendaagse lichaamskunst twee podia ter beschikking. In mei en juni is de "Factory Season" aan kleinere producties in de Tanzquartier Studios gewijd. Het studiocomplex van het Tanzquartier omvat naast drie dansstudio’s ook een openbaar toegankelijk theorie- en informatiecentrum met bibliotheek, videotheek, tijdschriftengalerie en toegang tot internet.
De Salzburg Experimental Academy of Dance werd in 1993 door de Amerikaanse danseres en choreografe Susan Quinn opgericht met het doel haar visie van een instituut dat creatief bewegingsonderzoek, choreografisch werken en een professionele dansopleiding verenigd realiteit te laten worden.
Het Tanz & Theater Zentrum Graz is de evenementenlocatie voor de vrije dans en theaterscene in Graz en de Stirmarken.
Oostenrijkse dansen
Landler, Schuhplattler, Polka, Fackeltanz
De herkomst van de naam „Landler“ of „Ländler“ is omstreden, maar waarschijnlijk is het de verkorting van de uitdrukking „Ländlicher Tanz“ (landelijke dans). De Landler is een paar- of groepsdans in een langzame ¾-maat, die vaak door Gstanzl-zingen, klappen, stampen of jodelen word begeleidt. Maar er bestaan regionaal ook snellere vormen. Aan het eind van de Landler word altijd een wals gedanst, daarom denkt men dat de wals zich ontikkeld heeft uit de Landler.
De Schuhplattler is een paardans in ¾ maat, die zijn oorsprong in de 11de eeuw heeft. Een theorie zegt dat hij zich heeft ontwikkeld uit de Plattler als imitatie van balsdans van de auerhaan, en was daarom oorspronkelijk als wervingsdans gedacht, hij ontwikkelde zich echter in de loop van de 19de eeuw tot een soort showdans. Het woord „Platteln“ beschrijft een figuur van de dans, waarbij de man op zijn dijen slaat (plattelt). Traditioneel maken mannen een reeks van sprongen en heupbewegingen, de vrouwen worden tussen de formaties als partners bij een walsfiguur betrokken. Een bijzondere vorm van de Schuhplattler, echter geen traditionele dans, is de zgn. Watschentanz.
De naam Polka komt uit het tsjechisch en betekend „Poolse vrouw“, het ontstaan van deze naam is echter onduidelijk. Zeker is alleen dat de naam voor het eerst in 1835 is gebruikt. De Polka word in een 2/4-maat als rondedans bestaand uit 3-4 herhalingen van 8-16 maten gedanst.
De Fackeltanz word door het dragen van brandende fakkels tijdens het dansen gecharakteriseerd en is in verschillende landen in verschillende vormen te vinden und. In Oostenrijk zijn de Fakkellopen in de paasnacht in Karinthie ter ere van een handwerk of een persoon, de gildedans in Tirol en de Fakkeldans in Salzburger, die jaarlijks tijdens de opening van de Salzburger Festspiele word uitgevoerd, traditie.
Weense Wals
De Weense Wals is een paardans en hoort bij de standaarddansen van het werelddansprogramma. Op twee ¾-maten wordt een uit 6 stappen bestaand basisfiguur gedanst. Als oorsprong van de in de jaren 70 van de 18de eeuw voor he teerst genoemde wals gold de Duitse dans of de Ländler. De opvolging van het adelijke menuett door de in het begin als onfatsoenlijk gezien wals als belangrijkste gezelschapsdans leidde in het begin tot hevige protesten, die echter het succes van de wals niet konden tegenhouden. Josef Lanner, Johann Strauss vader en uiteindelijk Johann Strauss zoon met zijn Donauwalzer maakten van de wals een succes in de reeks van de Oostenrijkse dansen.
