Bilaterale betrekkingen
Tussen Nederland en Oostenrijk bestaan er van oudsher nauwe banden op onder andere politiek, economisch, cultureel en toeristisch vlak.
Met de Oostenrijkse toetreding tot de Europese Unie in 1995 kregen de betrekkingen een nieuwe dynamiek. Oostenrijk en Nederland kwamen na bijna 500 jaar, toen de Habsburgers aan het eind van de 15de en begin van de 16de eeuw over beide landen regeerden, weer samen onder een dak. Juist op politiek gebied zijn beide landen zich ervan bewust, hoe belangrijk samenwerking tussen middelgrote landen binnen de Unie is. De historische verbondenheid, die bijvoorbeeld blijkt uit het feit dat de lijfarts van keizerin Maria Theresia, de heer Van Swieten, een Nederlander was, is ook heden ten dage nog zichtbaar. Zo wordt het wapen van de stad Amsterdam bekroond door de Oostenrijkse "Rudolfskrone".
Op economisch gebied zijn de betrekkingen eveneens zeer intensief. Nederland is voor Oostenrijk het op twaalf na belangrijkste exportland en de op acht na grootste leverancier van goederen. De Rotterdamse haven is de belangrijkste omslaghaven voor goederen van en naar Oostenrijk.
Oostenrijk bevindt zich in de gelukkige omstandigheid dat het een van de populairste vakantielanden van de Nederlanders is. Een op de 10 Nederlanders gaat jaarlijks naar Oostenrijk op vakantie, het merendeel tijdens de wintersport. Onder de meest prominente gasten die ieder jaar naar de Oostenrijkse Alpen komen bevinden zich de leden van de Nederlandse Koninklijke Familie.
